Wat is LSD?
LSD, voluit lysergeenzuurdiethylamide, is een tripmiddel: een drug die verandert hoe je de wereld om je heen en jezelf ervaart. Samen met paddo’s en truffels hoort LSD bij de klassieke psychedelica. De stof wordt deels gemaakt uit een schimmel die op graan groeit en daarna in een laboratorium bewerkt. Zuivere LSD is kleurloos, geurloos en smaakt nergens naar. Op straat heet LSD ook acid of papertrip, naar het stukje papier waarop het middel meestal wordt verkocht.
In welke vorm je LSD tegenkomt
Dat stukje papier heet een zegel of blotter. Het is een klein vierkantje eetbaar papier, vaak bedrukt met een plaatje, waarop vloeibare LSD is gedruppeld. Je slikt een zegel door of legt hem onder je tong, waar het slijmvlies van je mond de LSD sneller opneemt. Minder vaak kom je LSD tegen als microdot, een heel klein tabletje of als vloeistof in een druppelflesje.
Hoeveel LSD er op een zegel zit
Hoeveel LSD er op een zegel zit, verschilt per zegel en per jaar. Zegels die in 2024 bij testservices werden ingeleverd, bevatten gemiddeld 64 microgram LSD, terwijl dat een jaar eerder 54 microgram was. Een microgram is een duizendste milligram. Zelfs binnen één zegel kan de hoeveelheid verschillen, omdat de druppel niet overal even goed in het papier trekt. Ongeveer 1 op de 20 zegels die als LSD werden verkocht, bevatte bovendien geen LSD, maar een stof die erop lijkt of een stof die niet te herkennen was. Zonder test weet je dus niet wat je binnenkrijgt of hoeveel.
Hoe werkt LSD?
Hoeveel je ook binnenkrijgt, de werking van LSD begint in je hersenen. LSD hecht zich daar aan de receptoren voor serotonine, een stof die onder meer je stemming en waarneming regelt. Doordat LSD vooral één van die receptoren activeert, de 5-HT2A-receptor, filteren je hersenen prikkels minder streng. Indrukken die normaal op de achtergrond blijven, komen dan volop binnen. Ook gaan hersengebieden die normaal weinig met elkaar te maken hebben, informatie uitwisselen. Daardoor verandert er tijdens een trip meer dan alleen wat je ziet.
Effecten van LSD op wat je ziet en hoort
Toch merk je de effecten van LSD het sterkst aan wat je ziet en hoort. Echte hallucinaties, waarbij je dingen ziet die er helemaal niet zijn, komen weinig voor. Meestal verandert vooral de manier waarop je ziet wat er al is:
- kleuren worden feller en lopen in elkaar over
- een vloerkleed of grasveld lijkt te bewegen of vormt patronen
- bewegende dingen laten een spoor achter
- gezichten lijken ouder of jonger dan ze zijn
- geluid en vooral muziek komen intenser binnen
Wat LSD doet met je denken en lichaam
Naast je waarneming verandert ook je denken. Minuten lijken langer te duren en soms lijkt de tijd stil te staan. Je gedachten leggen verrassende verbanden, maar kunnen ook in rondjes blijven draaien. Bij een hogere dosis vervaagt de grens tussen jou en je omgeving, wat als verbondenheid kan voelen, maar ook angst kan oproepen. Ook je lichaam reageert op LSD, al zijn die effecten mild. Je pupillen worden wijder en je hartslag en bloeddruk stijgen licht. Soms word je er duizelig van of krijg je spierkrampen.
Hoe lang een LSD-trip duurt
Al deze effecten bouwen zich langzaam op. Een LSD-trip begint 20 tot 60 minuten nadat je LSD hebt genomen en wordt de eerste twee uur steeds sterker. Daarna houden de effecten nog uren aan en nemen ze langzaam af, tot de trip na 6 tot 12 uur voorbij is. Hoe meer LSD je neemt, hoe langer de trip duurt. Ook als je niets meer van de trip merkt, ben je nog niet nuchter. De dag erna ben je vaak moe en heb je soms hoofdpijn, maar een kater zoals na alcohol krijg je van LSD meestal niet.
Wanneer een LSD-trip omslaat
Juist omdat LSD zo lang werkt, kun je bij een bad trip urenlang vastzitten in angst of verwarring. Je gedachten blijven dan in dezelfde negatieve cirkel hangen; je wordt achterdochtig of hebt het gevoel dat je je eigen gedachten niet meer in de hand hebt. Het verschil tussen wat echt is en wat de LSD je laat zien, is op zo’n moment moeilijk te maken.
Waardoor een trip omslaat
De kans op een bad trip is groter als je veel LSD hebt genomen. Ook hoe je je voelt en waar je bent, spelen mee: zit je vooraf al niet lekker in je vel of ben je op een plek die niet veilig voelt, dan slaat een trip sneller om. Daarnaast kunnen tijdens een trip oude problemen of herinneringen onverwacht naar boven komen.
Wat helpt tijdens een bad trip?
Tijdens een bad trip helpt het om de prikkels om je heen te verminderen. Ga naar een rustige plek, dim het licht en zet harde muziek uit. Heb je iemand bij je die niets heeft gebruikt, dan kan die rustig met je praten en je eraan herinneren dat de angst door de LSD komt. Die angst zakt vanzelf zodra de LSD uitwerkt.
Klachten in de dagen na een trip
Toch kan een bad trip nog een paar dagen nawerken. Er blijft dan een angstig gevoel hangen of je slaapt slecht en krijgt nachtmerries. Ook na een trip die goed verliep, kun je de dagen erna ruis, vlekjes of lichtcirkels zien. Daarnaast kunnen de wereld om je heen of je eigen lichaam onecht aanvoelen. Bij de wereld heet dat derealisatie, bij je lichaam depersonalisatie. Meestal nemen deze klachten af zodra je bent uitgerust en de spanning zakt.
Is LSD gevaarlijk?
Dat die klachten meestal vanzelf overgaan, betekent niet dat LSD ongevaarlijk is. Bij hulpdiensten komen weinig meldingen over LSD binnen, maar de gevaren zitten vooral in je hoofd: tijdens een trip schat je slechter in wat veilig is, bij aanleg kan LSD een psychose uitlokken en soms komt een stukje van een trip maanden later terug.
Oordeelsvermogen tijdens een trip
Dat slechtere inschatten merk je juist bij dingen die normaal vanzelf gaan. Oversteken, iets snijden met een mes of een vuur aansteken gaat nuchter zonder nadenken, maar tijdens een trip zie je minder goed wanneer het misgaat. Bij een hoge dosis of als je weinig ervaring met LSD hebt, kun je bovendien het gevoel krijgen dat jou niets kan gebeuren. Daardoor neem je makkelijker risico’s die je nuchter niet zou nemen.
Psychose door LSD
Soms gaat het verder dan een verkeerde inschatting en raak je de grip op de werkelijkheid kwijt. Tijdens een trip kan dat op een psychose lijken, maar zodra de LSD is uitgewerkt, heb je die grip weer terug. Bij een echte psychose blijft het: je hallucineert, hebt wanen en weet niet meer wat echt is, ook als de LSD allang uit je lichaam is. LSD kan zo’n psychose uitlokken of verergeren als je er aanleg voor hebt, bijvoorbeeld omdat psychoses in je familie voorkomen of omdat je eerder psychotisch bent geweest. Meestal trekt de psychose na een paar dagen of weken weg.
Flashbacks en HPPD
Waar een psychose meestal na een paar weken wegtrekt, kan een flashback nog maanden of zelfs jaren later opduiken. Je ziet dan ineens weer wat je tijdens een eerdere trip zag, zoals bewegende patronen of kleuren die in elkaar overlopen, terwijl je geen LSD hebt genomen. Zo’n flashback komt vaak op bij stress of na het gebruik van andere drugs. Blijven de flashbacks terugkomen en zitten ze je in je dagelijks leven in de weg, dan gaat het om HPPD (Hallucinogen Persisting Perception Disorder), een stoornis die zelden voorkomt.
LSD combineren met andere middelen
Andere drugs spelen niet alleen een rol bij flashbacks; ze beïnvloeden ook de trip zelf. Neem je naast LSD ook andere middelen, dan is de kans op een bad trip groter. Bij cannabis is dat het best bekend: een joint kan een LSD-trip versterken en verlengen en maakt het lastiger om de trip bij te sturen. Over LSD in combinatie met andere middelen, zoals XTC of ketamine, is weinig bekend. Je kunt dus niet inschatten hoe de twee middelen elkaar beïnvloeden en hoe heftig je trip daardoor wordt.
LSD kopen en de wet
Los van de risico’s voor je gezondheid is LSD in Nederland verboden. Het middel staat op lijst I van de Opiumwet en geldt daarmee als harddrug. LSD kopen, verkopen, maken of bij je hebben is strafbaar, terwijl het gebruik zelf dat niet is. Bestel je LSD via internet, dan heb je het middel in bezit zodra het pakketje binnenkomt. Voor een kleine hoeveelheid voor eigen gebruik word je niet altijd bestraft, maar op feesten en op bepaalde plekken wordt strenger gecontroleerd.
Microdoseren en LSD-spray
Bij microdoseren neem je zo weinig LSD dat je niet gaat trippen: meestal 5 tot 10 procent van een gewone dosis, twee à drie keer per week. Mensen die microdoseren, hopen op een betere stemming, meer energie of focus. Of het dat ook oplevert, is onduidelijk, want ook mensen die zonder het te weten een nepmiddel kregen, merkten dat hun stemming verbeterde. Microdoseren is dan ook geen bewezen of erkende behandeling. Welke risico’s het op korte en lange termijn heeft, is bovendien nog een open vraag.
Wat een LSD-spray is
Een LSD-spray is een sprayflesje met water of alcohol waarin LSD is opgelost. Bij microdoseren wordt zo’n spray gebruikt om een kleine hoeveelheid af te meten, omdat een zegel moeilijk in kleine, gelijke stukjes te verdelen is. Toch blijft de dosering ook met een spray onzeker. Zat er op de zegel waarmee de spray is gemaakt meer of minder LSD dan aangenomen, dan zit dat verschil ook in elk pufje.
Is LSD verslavend?
Er zijn geen aanwijzingen dat je lichamelijk of geestelijk afhankelijk raakt van LSD. Dat zie je ook terug in de verslavingszorg: bijna niemand komt alleen voor LSD in behandeling, terwijl mensen voor veel andere drugs wel hulp zoeken. Het middel wordt bovendien weinig gebruikt. In 2024 had 0,4 procent van de volwassenen het afgelopen jaar LSD genomen. Onder uitgaanders van 16 tot 35 jaar lag dat hoger, op 3,9 procent in 2023.
Tolerantie: waarom LSD snel minder doet
Hoewel er geen aanwijzingen zijn dat je afhankelijk raakt van LSD, went je lichaam er wel snel aan. Neem je het middel kort na elkaar, dan doet dezelfde hoeveelheid steeds minder. Die gewenning heet tolerantie en duurt 3 tot 14 dagen: pas daarna geeft dezelfde hoeveelheid weer hetzelfde effect. In die periode doen ook paddo’s en truffels minder, wat kruistolerantie heet.
Wanneer LSD-gebruik toch vastloopt
Ook zonder verslaving kan LSD een steeds grotere plek in je leven krijgen. Dat gebeurt bijvoorbeeld als:
- de ene trip op de andere volgt zodra de gewenning is gezakt
- LSD steeds vaker samengaat met cannabis, XTC of andere middelen
- er na een bad trip opnieuw een trip volgt
- angst, onrust of een onwerkelijk gevoel na een trip blijft hangen
- school, werk of contact met anderen in de knel komt
LSD tegen somberheid of angst
Soms krijgt LSD die plek, omdat je er somberheid, angst of spanning mee probeert op te vangen. Een trip kan zulke klachten even anders laten voelen, maar zelf experimenteren met LSD tegen psychische klachten kan ze op den duur juist verergeren. De somberheid of angst is er bovendien nog steeds als de trip voorbij is. Daarmee blijft ook de reden bestaan om opnieuw naar een middel te grijpen. Daarom verdient die onderliggende problematiek aandacht in je behandeling.
Hulp bij problemen door LSD
Die behandeling kun je krijgen bij CACN Verslavingszorg. Bij LSD gaat het daarbij zelden over lichamelijk afkicken, maar over je gebruik en wat eronder ligt. In een eerste gesprek kijken onze zorgprofessionals met je naar welke middelen je naast LSD gebruikt, hoe vaak dat gebeurt, wat je in een trip zoekt en welke klachten na een trip zijn gebleven. Wil je vooraf al een beeld van je gebruik, dan helpt de drugs-zelftest je op weg. Speelt er naast het gebruik een psychische aandoening, zoals een angststoornis of depressie, dan behandelen we die in samenhang met je gebruik als dubbele diagnose.
Zo ziet de behandeling bij CACN eruit
Na het intakegesprek volgt de ambulante behandeling: je blijft thuis wonen en komt twee of drie dagen per week naar onze afkickkliniek in Eindhoven of Utrecht. Daar combineren we groepsbehandeling met individuele gesprekken. Omdat je na elke behandeldag weer naar huis gaat, pas je wat je leert meteen toe in je eigen omgeving. De behandeling valt onder de vergoeding van de basisverzekering. Wel kan je eigen risico in rekening worden gebracht. Wil je bespreken wat LSD je oplevert en wat het gebruik je kost, bel dan 040-303 2626.