Wat meet een test: alcohol of sporen?
Hoelang alcohol zichtbaar blijft in je bloed, hangt af van wat een test meet: de alcohol zelf of de sporen die alcohol achterlaat. Een adem- of bloedtest kan de alcohol zelf meten en geeft dan aan hoeveel promille je hebt. Dat lukt alleen zolang je lever nog bezig is met afbreken. Daarna staat je promillage op nul, maar zijn er nog wel sporen te vinden: afbraakstoffen in je urine en haar en veranderde waarden in je bloed.
Wanneer is alcohol uit je bloed?
Om bij de alcohol zelf te beginnen: je lever breekt ongeveer één standaardglas per anderhalf uur af. Heb je 4 glazen gedronken, dan duurt het dus zo'n 6 uur voordat de alcohol uit je bloed is. Dat duurt zo lang, omdat je lever niet alle alcohol tegelijk kan afbreken en die ook niet kan opslaan. Wat nog niet aan de beurt is, gaat ondertussen met je bloed door je lichaam. Minder dan 10 procent van de alcohol verlaat je lichaam op een andere manier, via je adem, zweet en urine. De rest moet je lever afbreken.
Hoe alcohol in je bloed komt
Voordat je lever alcohol kan afbreken, moet de alcohol eerst in je bloed komen. Ongeveer een vijfde wordt opgenomen via je maagwand, de rest via je dunne darm. Via je bloed bereikt de alcohol daarna je hersenen, waardoor je na zo'n 10 minuten de roes van de drank voelt.
Wat de opname sneller of trager maakt
Heb je vooraf gegeten, dan komt de alcohol trager in je bloed en loopt je promillage minder snel op. Hetzelfde geldt als je langzaam drinkt. Ook de sterkte van de drank speelt mee: drank met ongeveer 20 procent alcohol, zoals port of sherry, wordt het snelst opgenomen, terwijl sterkere drank juist wat trager in je bloed komt.
Waarom het per persoon verschilt
Eenmaal in je bloed verdeelt de alcohol zich over al het vocht in je lichaam. Hoe meer vocht er is, hoe meer de alcohol wordt verdund en hoe lager je promillage blijft. Mannen bestaan gemiddeld voor 65 procent uit vocht, vrouwen voor 52 procent. Vrouwen krijgen van hetzelfde aantal glazen dus een hoger promillage, net als mensen die lichter of kleiner zijn en daardoor minder vocht in hun lichaam hebben.
Langer wachten bij een hoger promillage
Je lever werkt bij een hoger promillage niet harder: het tempo waarin alcohol wordt afgebroken, is bij iedereen ongeveer gelijk, los van geslacht of gewicht. Heb je een hoger promillage, dan duurt het dus ook langer voordat het weer op nul staat.
Sneller nuchter worden lukt niet
Omdat je lever in een vast tempo werkt, kun je de afbraak van alcohol niet versnellen. Slapen, overgeven of water drinken verandert daar niets aan. Ook douchen, koffie of een ommetje maken helpt niet. Het kan lijken alsof je hoofd er helderder door wordt, maar je lever breekt de alcohol niet sneller af en je promillage daalt dus ook niet sneller.
Cocaïne of speed maakt je niet nuchter
Ook cocaïne of speed haalt de alcohol niet uit je bloed. Deze middelen maken je wel alerter, waardoor je je nuchterder voelt dan je bent. Zo overschat je jezelf makkelijk, bijvoorbeeld als je inschat of je nog kunt rijden, terwijl je promillage even hoog is gebleven.
Hoelang is alcohol aantoonbaar met een test?
Ook als de alcohol al uit je bloed is, kan een test nog aantonen dat je hebt gedronken. Hoe ver zo'n test terugkijkt, verschilt per test: van een paar uur bij een ademtest tot maanden bij een haartest.
Ademtest: alleen alcohol van dit moment
De ademtest kijkt het kortst terug, omdat die alleen de alcohol meet die op dat moment in je lichaam zit. Je blaast in een apparaat dat meet hoeveel microgram alcohol er in een liter uitgeademde lucht zit (µg/l). Hoe meer alcohol er in je bloed zit, hoe hoger die waarde. Heeft je lever alle alcohol afgebroken, dan vindt een ademtest niets meer.
Controle door de politie
Met de blaastest langs de weg kijkt de politie alleen of je boven de wettelijke grens zit. Is dat zo, dan volgt op het bureau een nauwkeurigere meting, die wordt omgerekend naar een promillage.
Bloedtest: tot ongeveer 4 weken terug
Een gewone bloedtest meet hoeveel alcohol er op dat moment in je bloed zit. Net als bij een ademtest vindt die test dus alleen iets zolang je lever nog bezig is met afbreken. Er is ook een bloedtest die verder terugkijkt: de PEth-test. Drink je alcohol, dan ontstaat er in je bloed een stof die PEth (fosfatidylethanol) heet. Die stof blijft tot ongeveer 4 weken in je bloed, ook als je maar weinig hebt gedronken. Zo laat een PEth-test zien dat je in die weken hebt gedronken, ook als de alcohol zelf allang uit je bloed is.
Bloedwaarden bij langdurig drinken
Naast PEth kan een bloedtest kijken naar waarden die laten zien hoe je lichaam reageert op langere tijd veel drinken. Die waarden veranderen niet door één avond, maar pas als je weken of maanden veel drinkt. Zo'n test zegt dus vooral iets over je drinkpatroon. Het gaat om deze drie waarden:
- Gamma-GT is een enzym dat je lever helpt om stoffen af te breken. Moet je lever lange tijd hard werken om alcohol af te breken, dan komt er meer Gamma-GT in je bloed. Stop je met drinken, dan is de waarde meestal na ongeveer 1 maand weer normaal.
- CDT is een eiwit dat ijzer door je lichaam vervoert. Drink je weken achter elkaar veel, dan stijgt de hoeveelheid CDT in je bloed. Na het stoppen is die meestal binnen 2 tot 3 weken weer normaal.
- MCV is de gemiddelde grootte van je rode bloedcellen. Bij langdurig veel drinken worden die cellen groter, onder meer door een tekort aan vitamine B12. Na het stoppen duurt het 2 tot 4 maanden voordat ze weer hun normale grootte hebben.
Andere oorzaken van verhoogde waarden
Gamma-GT, CDT en MCV kunnen ook door iets anders stijgen en wijzen dus niet altijd op alcohol. CDT gaat bijvoorbeeld ook omhoog na een bloedtransfusie of bij een leverontsteking. Bij ernstige leverschade, een van de lichamelijke gevolgen van alcohol, kunnen je leverwaarden maanden verhoogd blijven of helemaal niet meer herstellen.
Urinetest: 2 tot 5 dagen terug
Een urinetest kijkt een paar dagen terug. De test zoekt naar EtG (ethylglucuronide), een stof die ontstaat als je lichaam alcohol afbreekt. EtG blijft langer in je urine dan de alcohol zelf en is 2 tot 5 dagen na het drinken nog aan te tonen. Zo'n test laat dus zien dat je de afgelopen dagen hebt gedronken, maar niet hoeveel alcohol er nu in je bloed zit.
Haartest: tot maanden terug
Diezelfde EtG komt ook in je haar terecht en blijft daar veel langer bewaard. Omdat hoofdhaar ongeveer 1 centimeter per maand groeit, staat elke centimeter voor een maand. Een laboratorium onderzoekt meestal 3 tot 6 centimeter haar en kijkt daarmee 3 tot 6 maanden terug. Wat de test dan laat zien, is je gemiddelde drinkpatroon over die periode en niet één losse avond.
Alcohol en verkeer: wanneer mag je weer rijden?
In het verkeer telt alleen hoeveel alcohol er op het moment van rijden in je bloed zit. Je mag niet rijden met meer dan 0,5 promille, ofwel 220 µg/l in je adem. Heb je je rijbewijs korter dan 5 jaar, dan ben je beginnend bestuurder en ligt de grens op 0,2 promille (88 µg/l). Mannen bereiken die grens na ongeveer één standaardglas, vrouwen al bij minder dan een glas.
De ochtend na een avond drinken
Omdat de afbraak tijd kost, kun je de ochtend na een avond drinken nog boven de wettelijke grens zitten. Heb je tussen 23.00 en 2.00 uur meer dan 6 glazen gedronken, dan zit er om 7.00 uur nog alcohol in je bloed.
Gewenning verlaagt je promillage niet
Op je gevoel kun je niet afgaan, want alcohol verslechtert je inschattingsvermogen. Drink je regelmatig, dan raken je hersenen bovendien gewend aan alcohol. Je merkt dan minder van hetzelfde aantal glazen, terwijl je promillage even hoog is.
CBR-onderzoek na een aanhouding
Word je aangehouden met te veel alcohol op, dan kan het CBR een onderzoek naar je alcoholgebruik opleggen. Daarbij wordt je bloed onder meer getest op Gamma-GT en CDT, zodat ook je drinkpatroon van de weken daarvoor in beeld komt.
Hulp bij je alcoholgebruik
Reken je regelmatig uit of je de volgende ochtend weer mag rijden of wijken je bloedwaarden af door alcohol? Dan kan het helpen om stil te staan bij hoeveel en hoe vaak je drinkt. De alcohol-zelftest geeft je daar in 10 vragen een eerste beeld van.
Behandeling bij CACN Verslavingszorg
Regelmatig veel drinken kan overgaan in alcoholabusus of een alcoholverslaving. Stoppen op eigen kracht kan dan lastig zijn. Bij CACN Verslavingszorg krijg je in dat geval een ambulante behandeling bij alcoholverslaving: je blijft thuis wonen en komt 2 of 3 dagen per week naar de afkickkliniek.
Je eerste gesprek bij CACN
Een intakegesprek plan je via 040-303 2626. Daarin kijken we samen naar je drinkpatroon, ook als je nu vooral een antwoord zoekt op de vraag 'Hoelang blijft alcohol zichtbaar in je bloed?'